Opdrachtverklaring:
In de regio Ieper wil “Den Ommeloop” samenwerken met volwassenen met mentale beperkingen die problemen ondervinden in hun woonsituatie.
Deze problemen zijn van die aard dat ondersteuning en begeleiding vanuit een residentieel kader nodig zijn. De persoon in kwestie beschikt over een zekere mate van zelfredzaamheid. Hij kiest persoonlijk voor “Den Ommeloop”.
In de eerste plaats is er altijd een luisteren naar de vraag van de cliënt.
“Den Ommeloop” biedt woonvormen aan met een verschillende intensiteit van begeleiding. Het gaat van intensieve woonbegeleiding in een leefgroep, over studiovormen, tot minimale begeleiding die wel permanent bereikbaar is.
De begeleiding situeert zich bijvoorbeeld op het vlak van daginvulling, vrije tijd, relaties (familie, vriendenkring, ...).
Visie:
“Den Ommeloop” is een voorziening, gesitueerd in een democratische samenleving, waar er steeds meer plaats is voor kansen, rechten en ook plichten voor iedereen. We wensen binnen onze voorziening dan ook uit te gaan van een burgerschapsmodel: iedereen heeft rechten, maar ook plichten. Het betekent ook dat wij erover waken dat de cliënt zoveel mogelijk deel blijft uitmaken van zijn reguliere milieu en sociaal netwerk en de maatschappij daartoe ook inspanningen moet leveren
(inclusiegedachte).
”Den Ommeloop” wil zich in de regio profileren als een organisatie die personen met beperkingen bij hun “wonen “ begeleidt op een emanciperende manier (werken tussen autonomie en beschermwaardigheid) en daarbij vertrekt vanuit de idee dat zij zelf best keuzes kunnen maken (zelfverantwoordelijke zelfbepaling).
Een eerste keuze is altijd een goede woning in de betekenis van een “thuis”, een plek waar iemand zich veilig voelt, vrij is om te doen en te laten wat hij wil en waar het goed is omdat het er is zoals hij dat wil.
Sommige mensen hebben daar echter hulp bij nodig, soms in die mate dat er een begeleider permanent bereikbaar of beschikbaar moet zijn. Zo iemand komt dan meestal in een “tehuis” terecht waar hij veel minder of helemaal niet kan kiezen waar, hoe en met wie hij woont.
Wij vinden dat zoiets in veel gevallen niet hoeft. Daarom wil “Den Ommeloop” ernaar streven om de keuze van een woning en het bieden van begeleiding als twee verschillende zaken te beschouwen. Op die manier kan je de cliënt veel beter benaderen als iemand die keuzes maakt en (aan de begeleiders) vragen stelt. Vanuit vraaggestuurd werken kan zelfs iemand die veel begeleiding vraagt, als alternatief voor een residentiële voorziening, “wonen onder residentiële begeleiding”.
De begeleiding en de dienstverlening moeten verstrekt worden zonder rekening te houden met de plaats waar iemand woont: een leefgroep, studio of eigen woning. Het zou zelfs zo moeten zijn dat de begeleiders de cliënt helpen bij het verwerven van een eigen woning zonder dat het verwerven van een eigen woning het pakket begeleiding en dienstverlening in het gedrang brengt.
Met “wonen onder residentiële begeleiding” bedoelen we dat de geleverde diensten en de intensiteit van de begeleiding dezelfde blijven als binnen een residentiële voorziening maar kunnen verstrekt worden binnen een ander kader. Het aanbieden van een woning wordt los gezien van het verzekeren van permanentie, de begeleiding, een aanbod van activiteiten en service ....
Kleine leefgroepen blijven dus mogelijk maar er moet evenzeer een aanbod zijn van woningen die zich op zekere afstand bevinden van de begeleiders (bureaus), de leefgroep(en), de plaats van waaruit de permanentie wordt voorzien.
De essentie van de “residentiële begeleiding” is de permanente beschikbaarheid van een aantal begeleiders en diensten.
We gebruiken graag het beeld van voor- en achterdeuren. In het ideale geval zou iedereen moeten beschikken over een eigen voor- en achterdeur.
De eigen voordeur met deurbel en brievenbus staat dan voor een eigen adres en identiteit. Iemand maakt zelf zijn post open. Hij vertrekt en komt thuis zonder controle van de begeleider. Hij ontvangt bezoek zoals en wanneer hij wil. Hij kiest de begeleidingsmomenten. Ook de begeleider valt niet zomaar binnen.
De achterdeur heeft te maken met de altijd beschikbare ondersteuning, de mogelijkheid om zelf naar de begeleider toe te stappen of beroep te doen op het aanbod van een aantal services.
Ook voor wie in een leefgroep verblijft moet dat beeld altijd voor ogen worden gehouden.
Waarden gehanteerd door onze voorziening
Binnen het burgerschapsmodel willen we werken aan de volgende waarden:
- Gelijkwaardigheid:
We vertrekken vanuit de overtuiging dat iedereen gelijkwaardig is, dus beogen we:
* respect voor de eigenheid van de cliënt
Elke persoon is uniek en moet dan ook op zijn unieke wijze inhoud kunnen geven aan zijn leven.
* respect voor de privacy van de cliënt
De cliënt heeft net als elke andere mens nood aan en recht op privacy, dit vanuit respect voor het menszijn zelf.
* pluralisme
De cliënt moet ondersteund worden in het beleven van zijn eigen waarden, o.a. vanuit zijn religie, filosofie of levenswijze.
- Vrije keuze en zelfbepaling:
De zorgvrager wordt beschouwd als opdrachtgever. De cliënt bepaalt hoe hij “kwaliteitsvol” wil leven, bepaalt vorm en inhoud van de begeleiding. Hij is namelijk in staat keuzes te maken en zijn verantwoordelijkheid te nemen, ook al moet hij daarbij soms ondersteund worden.
- Wat de begeleiding betreft bepaalt de cliënt de begeleiding naar inhoud, vorm en intensiteit.
Om eigen keuzes te kunnen maken willen we werken aan het ‘bevorderen van de zelfredzaamheid’ bij onze cliënten. Daartoe willen we flexibel zijn in ons aanbod (zodat keuzes blijvend mogelijk zijn).
Daarnaast wensen we werk te maken van ‘stimuleren van de ontwikkeling van de communicatie’, zeker bij cliënten die moeilijk ter tale zijn, opdat ook zij keuzes kunnen duidelijk maken.
- Wat de woning betreft:
De cliënt kiest zoveel mogelijk zelf waar en met wie hij woont. Dit impliceert eveneens dat koppels bij ons terecht kunnen. In principe kunnen ook cliënten met kinderen bij ons terecht.
De cliënt kiest hoe hij woont: hij kiest de manier van inrichten, de momenten waarop er gegeten wordt, enz.
Inclusiegedachte
- Vanuit de inclusiegedachte beogen we zoveel mogelijk beroep te kunnen doen op het reguliere milieu van onze cliënten en het reguliere circuit binnen de maatschappij (vrije tijd, gezondheidszorg, e.d.). Daartoe wensen we mee te werken aan het onderhouden en het uitbouwen van het netwerk rond de cliënt (netwerkvorming).
- We bevorderen de mobiliteit’ bij onze cliënten zodat het reguliere circuit in onze maatschappij voor hen toegankelijker wordt.